Het metabool syndroom en diabetes types 2

Het metabool syndroom en diabetes types 2

Het metabool syndroom en het vaak daaruit voortvloeiende diabetes type 2 is op zich al een groot probleem maar lijkt nog maar het topje van de ijsberg. We zien dat veel ziektebeelden te maken hebben met een verstoorde insuline huishouding.

Wat betekent dit voor de fysiologie van onze patiënten, wat voor klachten hangen samen met dit syndroom (we zullen zien dat een groot deel van de welvaartsziekten hiermee te maken heeft).

Doel van deze nascholing is bewustwording van deze problematiek en vooral het tijdig herkennen van de signalen dat er een metabool probleem aan het ontstaan is. Door tijdig maatregelen te nemen kan voorkomen worden dat de patiënt diabetes ontwikkeld en ook de co-morbiditeit, die bij insuline resistentie en diabetes erg groot is, wordt dan beperkt . De rol die de osteopaat kan spelen wordt uitgebreid besproken.

Veel van onze patiënten met chronische klachten, moeilijk te behandelen klachten en steeds terugkerende klachten zijn insulineresistent.

Diabetes Type 2 met de grote co morbiditeit legt een grote druk op de gezondheidszorg en deze dreigt onbetaalbaar te worden als de toename van dit probleem geen halt wordt toegeroepen.

Er zijn, volgens een recent artikel [1], op dit moment meer mensen met overgewicht dan ondervoeding.

Door onderliggende mechanismen te begrijpen kan met gericht advies over voeding, beweging en de beste manier om een gezond gewicht te bereiken, iedere therapeut een bijdrage leveren aan het voorkomen en herstellen van deze problemen.

Wat is insuline resistentie en het metabool syndroom.

Insuline resistentie is een normaal fysiologisch verschijnsel dat ontstaat als er een verhoogde energiebehoefte is. De mens met zijn dure en grote brein dat vooral glucose als brandstof gebruikt (in uitzonderingsgevallen ook melkzuur en ketonlichaampjes) is al zo geprogrammeerd dat er een verhoogde insulineresistentie is waardoor we vooral vet als brandstof gaan gebruiken en de glucose sparen die in de hersenen onafhankelijk van insuline word opgenomen en gebruikt als energiebron.

Tijdens de zwangerschap en bij infecties worden we nog insulineresistenter, ook hier om energie naar respectievelijk de foetus of het immuunsysteem te sturen. Dit is normale fysiologie.

Het wordt een probleem als we een zittend leven gaan lijden, als het immuunsysteem chronisch geactiveerd blijft (dit heet laaggradige ontsteking) en we veel koolhydraten gaan eten waardoor we glucose als brandstof overhouden en dit naar de cellen moeten transporteren.

Als we de koolhydraten niet verbranden wordt het overschot omgezet in vet en als reserve energie opgeslagen in de vetcellen die als ze te groot worden het ontstekingsproces gaan versterken waardoor de insulineresistentie toeneemt. Bij insuline resistentie dreigt de suikerspiegel in het bloed te hoog te worden waardoor we meer insuline gaan produceren. Hierdoor dreigen lage suikerspiegels te ontstaan ( insuline haalt immers de glucose uit het bloed ) waardoor we vaker willen gaan eten. Dit zorgt voor een toename van het overschot een koolhydraten, toename van insulineproductie en nog grotere vetcellen, nog meer laaggradige ontsteking en toename insulineresistentie waardoor nog meer insuline nodig is om suikerspiegel laag te houden. We zitten dan in een vicieuze cirkel die uiteindelijk lijdt tot het metabool syndroom, diabetes en verhoogd risico op andere ziektes.

Alles wat bijdraagt aan het ontstaan van een laag gradige ontsteking  verhoogt de kans op het ontstaan van het metabool syndroom.

Metabool syndroom[2].

Het metabool syndroom is een cluster van risicofactoren die in eerste instantie vooral in verband worden gebracht met verhoogde kans op diabetes type 2 en hart en vaatziektes. Er is een toename van de buikomvang en intra-abdominaal en orgaanvet, toename van de bloeddruk, toename triglyceriden en afname HDl ten opzichte van LDL cholesterol en een toename van insulineresistentie ( afname van de gevoeligheid ).

Naast deze risicofactoren zijn er veel symptomen en ziektebeelden die worden veroorzaakt door een toegenomen insulineresistentie. Denk aan hart en vaatziekten, depressie, alzheimer, problemen met vruchtbaarheid, hirsutisme bij vrouwen en kaalheid bij mannen, slecht genezende blessures, pigmentatie, non alcoholic fatty liver disease (NAFLD) pre-eclampsie, auto-immuunziektes etc.

We zien in de praktijk dat bij 95% van alle chronische ziektes er sprake is van een verstoorde insulinehuishouding. Dit is of een insuline resistentie, of een hyperinsulinemie of een tekort aan insuline.

Een hyperinsulinemie is een manier om de hersenen van extra energie te voorzien. Klinisch zien we dat deze patiënten niet lang zonder eten (vooral koolhydraten kunnen) en zich na het eten vaak fitter voelen.

Een insulineresistentie zorgt voor energieallocatie naar het immuunsysteem en bij deze groep is de verzadiging minder waardoor een grote maaltijden genoten worden en er snel na de maaltijd  behoefte is aan zoet. Deze groep na de maaltijd moe.

Was diabetes type 2 en het metabole syndroom iets wat je alleen zag bij ouderen, de laatste jaren zien we dat steeds meer jongeren al met deze problematiek te maken krijgt. Opvallend daarbij is dat vooral non alcoholic fatty liver disease (NAFLD) bij jongeren veel voorkomt. Osteopatisch zien we dat dit invloed kan hebben op de statiek en fasciaal op de rechter schouder door het toegenomen volume van de lever. Door dit te koppelen aan de kennis over het metabool syndroom kan er al aandacht komen aan oplossen van dit probleem.

Etiologie van het Metabool syndroom.

Aan de basis van dit probleem ligt onze westerse leefstijl. Onze stelling is dan ook dat een groot deel van de DM2 gevallen voorkomen en zelfs genezen kan worden.

Zoals bij alle chronische ziektes en klachten speelt het immuunsysteem een centrale rol. Low grade inflammation, het niet meer stoppen van de activiteit van het aangeboren immuunsysteem, staat aan de basis van 95% van alle chronische ziektes en dus ook van metabool syndroom en DM2. De veranderde energievraag van het immuunsysteem maakt het lichaam relatief insulineresistent. Ook het eten van te calorierijke maaltijden met vooral veel geraffineerde suikers met veel fructose en het drinken van alcohol en suikerhoudende dranken levert een bijdrage aan het probleem. Vetcellen worden hierdoor te vol waardoor ze een ontstekingsreactie gaan uitlokken. Door de constante aanwezigheid van glucose is een goede insuline gevoeligheid belangrijk om de suikerspiegels te reguleren. Bij insuline resistentie dreigt de suikerspiegel te stijgen waardoor er als reactie meer insuline geproduceerd gaat worden wat uiteindelijk leidt tot uitputting van de betacellen in de pancreas en DM2.

Ook stress is een aanjager van het metabool syndroom omdat cortisolresistentie de vetcellen gevoeliger maakt voor insuline en er dus makkelijk vetopslag plaats vind.[3]

Ook een sedentaire leefstijl is verantwoordelijk voor een toename van insulineresistentie en daarmee het metabool syndroom en DM2. Als we koolhydraten eten en we deze snel verbranden zal er geen vetopslag plaats vinden en is er geen probleem. Maar in de dagelijkse praktijk eten we de hele dag koolhydraten en bewegen we niet. Een manier om dit te compenseren is om af en toe te vasten. Door de vetreserves aan te spreken verminderd de ontstekingsreactie terwijl er geen insuline nodig is om energie op te slaan.

Metaboolsyndroom in de osteopathie praktijk: herkennen en adviseren.

Wat is de rol van de osteopaat bij deze problematiek.

Helaas komt de gemiddelde huisarts pas in actie als het te laat is, namelijk als de homeostatische glucose balans niet meer behouden kan worden en er DM2 geconstateerd wordt. In de praktijk zien we een heleboel symptomen die veroorzaakt kunnen worden door insuline resistente (insuline is het allostatische systeem dat de glucose homeostase bewaakt en al heel veel overuren heeft gemaakt bij deze groep patiënten). Door dit vroeg te herkennen en de patiënt goed te adviseren over voeding en gedrag kan voorkomen worden dat er DM2 ontstaat. Zelfs als er al DM2 is ontstaan, bestaat door regulering van de insulinegevoeligheid de mogelijkheid om dit probleem op te lossen als de schade aan de B cellen ten minste niet te groot is.

De patiënt met insuline resistentie is vaker therapieresistent of valt steeds terug in oude patronen. Vaak is er overgewicht wat ook mechanisch veel invloed kan hebben, net als een vette en vergrootte lever. Deze patiënt heeft naast osteopatische hulp voor de bestaande klachten ook hulp nodig bij het reguleren van deze disbalans. Hier is goed advies met betrekking tot leefstijl belangrijk en vaak niet zo ingewikkeld. Het doel moet zijn om dit te integreren binnen de osteopathie behandeling en alleen daar waar de problematiek complex is en al lang bestaat hulp te zoeken bij een arts/therapeut die werkt met de inzichten uit de kPNI of Functional Medicine.

Inhoud en doel van de nascholing.

 1     Definitie en fysiologie van het metabool syndroom (insulineresistentie) en diabetes type 2.

2      Etiologie bespreken met veel aandacht voor visie uit de Evolutiegeneeskunde.

3      Co morbiditeit in kaart brengen

4      De plaats van insuline gevoeligheid binnen complexe chronische ziektebeelden begrijpen.

5      Herkennen van de problematiek

6      Relatie met voeding, beweging en stress leren begrijpen

7      Integreren van deze kennis en hoe te gebruiken in de dagelijkse praktijk

8      En natuurlijk bespreken we de beste manier is om af te vallen wat voor veel patiënten een extra motivatie kan zijn.

Diabetes Type 2 met haar co morbiditeit is fors aan het toenemen, ook al onder jongere mensen. De druk die dit legt op de geneeskunde en economie is enorm. Naast het optimaal behandelen van onze patiënten kunnen we ook een rol spelen bij de bewustwording dat dit probleem dat vaak relatief eenvoudig is op te lossen en te voorkomen. Het goed informeren van onze patiënten en dit bespreken met collega’s in de zorg en verder iedereen die hierin geïnteresseerd is, levert een bijdrage aan het beheersen van de kosten en terugdringen van veel chronische ziektebeelden.



[1] Lancet 2016; 387: 1377–96

[2] Boers et al. Lipids in Health and Disease 2014, 13:160 http://www.lipidworld.com/content/13/1/160

[3] Schut, Erik. Stress als aanjager van het metabool syndroom. Van Nature .

Publicatie: 6 oktober 2015